U bevindt zich op: Home Proces De uitslag Verwijstermijnen

Verwijstermijnen

Verwijstermijnen voor de verschillende ziektes in het kader van de neonatale hielprikscreening.

Onder verwijstermijn wordt verstaan: de tijd tussen het moment dat de uitslag in het laboratorium bekend is en de presentatie van het kind aan de specialist in het ziekenhuis. Behalve bij sikkelcelziekte, alfa- en bèta-thalassemie; daar wordt onder verwijstermijn verstaan de tijd tussen de geboorte en de presentatie van het kind aan de kinderarts-hematoloog. Zie het achtergronddocument voor de overwegingen per aandoening.

Voor de verschillende aandoeningen gelden de volgende verwijstermijnen:

Ziekte

Verwijstermijn

AGS

a. afwijkende uitslag na een 1e hielprik: zo spoedig mogelijk, uiterlijk om 12.00 uur de
volgende dag
b. afwijkende uitslag na een 2e hielprik: zo spoedig mogelijk, uiterlijk om 12.00 uur de volgende dag

Na een 1e hielprik kan de uitslag voor AGS zijn: negatief (geen actie), afwijkend (verwijzing) of niet-conclusief. Als de uitslag niet-conclusief is, volgt een 2e hielprik. De uitslag daarvan is negatief (geen actie) of afwijkend (verwijzing) (zie het document ‘afkapgrenzen en beslissingscriteria’).

CH

a. afwijkende uitslag na een 1e hielprik: dezelfde dag, eventueel na collegiaal overleg uiterlijk om 12.00 uur de volgende dag
b. afwijkende uitslag na een 2e hielprik: dezelfde dag, eventueel na collegiaal overleg
uiterlijk om 12.00 uur de volgende dag. Het is op voorhand niet te zeggen of een uitslag na een 2e hielprik minder ernstig en daardoor iets minder urgent is dan een afwijkende uitslag na een 1e hielprik

Na een 1e hielprik kan de uitslag voor CH zijn: negatief (geen actie), afwijkend (verwijzing) of niet-conclusief. Als de uitslag niet-conclusief is, volgt een 2e hielprik. De uitslag daarvan is negatief (geen actie) of afwijkend (verwijzing) (zie het document ‘afkapgrenzen en beslissingscriteria’).

CF

Binnen 1 week, afhankelijk van de geplande datum zweettest

SZ

Zo spoedig mogelijk de huisarts informeren, zodat het kind voordat het 4 weken oud is gezien wordt door een kinderarts-hematoloog

Bij dragerschap SZ roept de huisarts de ouders binnen 4 weken op het spreekuur. Tijdens het spreekuur wordt verwijzing naar de afdeling klinische genetica besproken.

Alfa-thalassemie (HbH-ziekte)

Zo spoedig mogelijk de huisarts informeren, zodat het kind voordat het 4 weken oud is gezien wordt door een kinderarts-hematoloog

Bèta-thalassemie major

Zo spoedig mogelijk de huisarts informeren, zodat het kind voordat het 4 weken oud is gezien wordt door een kinderarts-hematoloog

GA-I

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

IVA

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

MSUD

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

TYR-I

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

BIO

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

PKU

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

MCADD

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

LCHADD

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

VLCADD

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

MSUD

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

GAL

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

OCTN2

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

3MHM (3-MCC,HMG, MCD)

zo spoedig mogelijk dezelfde dag

Zoeken:

Service